Mijas is ongetwijfeld één van de meest aantrekkelijke gemeenten aan de Costa del Sol. Bezoekers zijn meteen gecharmeerd van het sfeervolle witte dorp dat tegen de helling van de Sierra de Mijas aangeplakt ligt en dat verrassend weinig heeft geleden onder de invloed van het massatoerisme. De smalle straatjes, de hagelwitte huizen met hun rode pannendaken, de eeuwenoude stadsmuren en verdedigingstorens, de pittoreske hoekjes, de robuuste parrochiekerk, de in de rotsen uitgehakte Plaza de Toros, de winkeltjes, kapelletjes en parken: het nodigt allemaal uit tot een rondwandeling door het Spanje van weleer. Of misschien wel tot een ritje met de ezel-taxi, een curieuze attractie in Mijas die al decennia bestaat.

 

De andere kant van Mijas vormen de grote urbanisaties, die zich uitstrekken tot aan de kust en die alles bieden wat een toerist of resident maar verwacht van een bestemming aan de Spaanse zuidkust. Eindeloze stranden zoals el Bombo, la Cala, el Chaparral en Calaburras trekken in de zomermaanden duizenden zon- en zeeliefhebbers en zijn in de winter goed voor een fijne wandeling langs de vloedlijn. Er zijn maar liefst negen golfterreinen waar de liefhebber van deze sport een balletje kan slaan. En in grote woonkernen als las Lagunas en La Cala zijn alle mogelijke winkels, restaurants en voorzieningen te vinden.

De natuur- en wandelliefhebbers komen in Mijas ook al volop aan hun trekken. De Sierra de Mijas wordt vaak de ‘groene long’ van de Costa del Sol genoemd en er komen dan ook bijzondere planten- en dierensoorten voor. In het gebergte zijn zeven wandelroutes uitgezet, waarvan de kortste één uur duurt en de langste vijf uur.

Mijas Pueblo ligt op ruim vierhonderd meter hoogte zodat het er in de zomer ’s avonds lekker afkoelt. Dit in tegenstelling tot de lager gelegen urbanisaties en de kustdelen waar een mild zeeklimaat heerst en het het grootste deel van het jaar heerlijk weer is.